Home
Historie
Boilies
Pop-ups
Pellets
Mix
Special Baits
Flavours
Overige additieven
Etherische olieen
PVA
Cipro onthaakmat
Kleding
Verhalen
   Huub van der Lee
   Mark Berkelmans
   Ferdy Tibbe
   Léon Derksen
   Mitchel van Dinther
   Henny Mattemaker
   Arjen Hartman
   Patricia Bos
   Peter Knight
   Harald Bremmer
   Martijn Nederpel
   Luc & Guy
   Bernard van Kapel
   Rens Oostenbruggen
   Dennis van Strien
Dealerlijst
Nieuwsbrief

Contact

Nederlands  Deutsch
Technische informatie
Attractie van het aas
De gedachte bij het te water laten van ons aas is om er zo snel mogelijk karper mee te lokken om deze vervolgens aan te zetten tot het opnemen van het bewuste aas. Om die vissen nu aan te zetten tot aasgedrag is het belangrijk de karper op ons aas te attenderen en zodoende naar ons haakaas te lokken. Het gebruikte aas is een voedselbron en de te bevissen stek een voerplek voor de karper. Zolang we met een kwalitatief goed aas vissen en voeren zullen de karpers regelmatig naar deze plek terugkeren. Indien er sprake is van een kwalitatief slecht aas zullen de vissen het aas minder gretig nemen en zelfs de bewuste plek binnen afzienbare tijd gaan mijden.

De prikkel welke karpers aanzet tot aasgedrag
Om de werking van de attractors te begrijpen moeten we weten wat de prikkel veroorzaakt welke de karper tot aasgedrag aanzet. Om te beginnen moeten de karpers wel te prikkelen zijn, hiermee wordt bedoeld dat de drang om naar voedsel te zoeken bij de karper aanwezig moet zijn. Karpers hebben vaak een bepaalde cyclus in hun aasperioden. Dit is mede afhankelijk van de mate van vertering van het voedsel dat de karpers tot zich nemen. Afhankelijk van het jaargetijde en de situatie lukt dit "prikkelen" de ene keer beter dan de andere keer. Ionisatie is één van de bronnen waardoor karpers het signaal ontvangen dat er voedsel in de buurt is. Maar dit is niet het enige signaal, ook moleculaire diffundatie het oplossen van kleine deeltjes in het water is er een die werkt. De diffundatie is sterk temperatuur gerelateerd, in de winter zal hier een minder sterke prikkel van uitgaan dan in de zomer.

Ionisatie
Ionisatie is de beweging van positieve en negatieve ionen en is een chemisch proces waar of positief naar negatief ioniseert of andersom. Het ontstaat in het water door verschillen in de zuurgraad van bepaalde stoffen. Willen we hier wat mee doen, zullen we de pH-waarde van de gebruikte stoffen en het te bevissen water moeten weten. De pH-waarde staat voor zuurgraad van een stof en hoe lager de pH-waarde, hoe zuurder de stof is. Een pH-waarde van zeven staat voor neutraal en een pH-waarde boven de zeven staat voor basisch. Dan is er ook nog zo iets als de PK waarde van de pH die zegt erg veel over de efficiëntie van het zuur. Er zijn licht zure stoffen met een hoge PK waarde die veel effectiever als zuur werken dan een sterk zuur met een lage PK waarde.
Het is lastig hier altijd goed mee om te gaan, situaties veranderen. Mede door invloed van weersomstandigheden zullen kleine schommelingen optreden, de zogenaamde natuurlijke schommelingen. De pH-waarde van een viswater is weliswaar belangrijk voor de dosering van de attractors maar het ZBV (zuurbindendvermogen) van een viswater zou nog wel eens van groter belang kunnen zijn. Een water met een hoog ZBV buffert chemische pH schommelingen namelijk veel sneller, echter op een dergelijk water zal de vis veel sneller reageren op gedeeltes waar ionisatie optreedt.

Officieel wordt het ZBV uitgedrukt in een getal dat aangeeft hoeveel "zoutzuur" van bepaalde sterkte (uitgedrukt in m.e./l = milli eenheden per liter) kan worden toegevoegd voor een bepaalde pH wordt bereikt.

Er is zoals hierboven beschreven ook een verschil tussen chemische en natuurlijke pH schommelingen. De karper weet dit echter niet maar wij wel. Een natuurlijke schommeling wordt o.a. veroorzaakt door residuen van levende organismen. Zolang er leven is dus altijd aanwezig en afhankelijk van de stofwisselingsintensiteit en hoeveelheid leven sterk of niet sterk aanwezig.

Chemische ionisatie stopt op een bepaald moment. Dat moment wordt bepaald door het ZBV van het water en de sterkte van de reactie. De intensiteit wordt meer bepaald door het pH verschil.

Moleculaire diffundatie
Het oplossen van kleine deeltjes in het water noemen we moleculaire diffundatie. Dit is ongeveer te vergelijken met het menselijke reukvermogen. Om een geur (smaak) spoor op te kunnen vangen beschikt de karper over verschillende smaakknoppen, zogenaamde papillen. Deze bevinden zich o.a. op de baarddraden en op de lippen. Doordat er kleine voerdeeltjes loskomen van ons aas en gaat "wolken" ontstaat er een groter gebied waarbinnen de karper ons aas kan speuren. Vervolgens zal hij verder zoeken naar de bron en zodoende ons aas vinden. Is het aas eenmaal gevonden zal de karper dit opnemen en aan verdere keuring onderwerpen.

Attractors
We kunnen attractors grofweg opdelen in enerzijds de vloeibare en anderzijds de smaakstoffen in vaste vorm. Attractors worden doorgaans toegevoegd om de karper de prikkel te geven welke aanzet tot aasgedrag. Door het koken van de boilie ontstaat er echter een vrij gesloten "mantel" om het aas wat het uitwasemen van smaakstoffen bemoeilijkt. Met name de vaste stoffen komen moeilijk vrij. Toch kunnen ook van de vaste stoffen een niet te onderschatten werking uitgaan. Vooral door bepaalde goed oplosbare vaste stoffen te gebruiken en de structuur van het aas in dienst van dit uitwasemen te kiezen. Ook kunnen we dit uitwasemen bespoedigen door de boilies minder hard te maken en minder lang te koken zodat de boilie wat makkelijker de smaakstoffen vrijgeeft. Feit blijft natuurlijk dat in een niet gekookt aas als deeg de smaakstoffen veel makkelijker vrij komen in het water. Smaakstof bij uitstek om in een boilierecept te gebruiken is dan ook een vloeibare attractor met een goed oplossend vermogen, welke ook nog eens bestand is tegen hoge temperaturen.

Flavours
Als er gesproken wordt over vloeibare smaakstoffen denken we al snel aan flavour. Flavours bestaan grofweg uit de smaakstoffen (esters) en een drager (het oplosmiddel). Vaak wordt gedacht dat alleen de smaak/geur het verschil in de flavoursoort maakt. Dit wordt mede in de hand gewerkt door het achterwege blijven van voldoende informatie om te kunnen weten wat werkelijk de verschillen zijn tussen verschillende merken/soorten. Dit maakt het er voor de visser die heel bewust met zijn/haar flavourkeuze om wil gaan niet makkelijker op. Juist voor die personen is het een uitkomst dat een enkel merk dit wel doet.

Bij een flavour zijn een aantal zaken belangrijk. In de eerste plaats moeten deze goed water oplossend zijn. Het oplossend vermogen moet ten slotte voor de verspreiding van het smaakspoor zorgen. Flavours worden in het algemeen in boilierecepten gebruikt. De kwaliteit in het bijzonder als je over esters praat, ligt hem dan ook in het aan de ene kant goed oplossen in water en aan de andere kant de gevoeligheid voor het kookpunt. Die staan echter wel in verband met elkaar. Hoe minder wateroplosbaar hoe beter ze tegen hoge temperaturen kunnen. Kwaliteit (voor karperflavours althans) is dan een juiste balans van beide.

Ethyl Alcohol
Het oplossend vermogen van een flavour wordt mede bepaald door het gebruikte oplosmiddel. Van de gebruikte oplosmiddelen is Ethyl Alcohol de betere oplosbasis voor geurstoffen. Het is een uitermate schoon product welke in tegenstelling tot de andere oplosmiddelen de geur en smaak van de flavour niet beïnvloedt. Dit is ook de reden dat de Cipro EA flavours zeer realistisch en subtiel overkomen. Ethyl alcohol lost betrekkelijk snel in het water op en verdient de voorkeur zeker in de koudere periodes of wanneer er instant gevist wordt. Van de 6 meest voorkomende oplosmiddelen is Ethyl Alcohol de minst gevaarlijke, zeg maar ongevaarlijk. Een aantal van de andere oplosmiddelen zijn kun je stellen gevaarlijk. Zeker als je de safety data sheets van die middelen bekijkt. Dus kun je stellen dat je met EA een goed oplosmiddel gebruikt. EA is gelijk aan ethanol oftewel de alcohol die wij in ons biertje of andere alcoholische versnapering ervaren.

Etherische oliën
Een bijzondere groep natuurlijke flavours zijn Etherische oliën (Essential oils). Etherische oliën zijn sterk geconcentreerde krachten en staan ook bekend om hun genezende werking. Etherische oliën zijn vluchtige, olieachtige bestanddelen van bloemen, bladeren, struiken, bomen, vruchten, wortels, zaden of harsen. Dit zijn stoffen die in een flavour kunnen worden gebruikt of zelfstandig als flavour kunnen functioneren. In tegenstelling tot alcohol ioniseert olie in water zodat er ook in de winter een optimale signaalfunctie van dit product mag worden verwacht. Ethyl Alcohol echter zal in zowel de zomer als winter middels diffundatie (oplossing) voor attractie zorgen.

Etherische oliën worden doorgaans geproduceerd via destillatie of persing van plantaardig materiaal en zijn onder te verdelen in een drietal verbindingen:

  • Terpenen (over het algemeen bloemige en kruidige geuren)
  • Benzenoiden (aromatische geuren)
  • Stikstof en zwavel verbindingen (scherpe geuren)

Léon Derksen
Cipro


Cipro © 2005